Het is vrijdagavond 23 oktober als ik mezelf met een wijntje eens lekker voor de tv geïnstalleerd heb. Een traktatie na een lange week vol noeste arbeid. Mijn gelukzalig vrijdagavondgevoel slaat echter snel om wanneer ik in Pauw en Witteman een discussie tussen Emile Ratelband en Michiel Mulder, raadslid van de PvdA, voorgeschoteld krijg. Ratelband heeft in het Vlaamse tijdschrift ‘Dag allemaal’ een aantal ferme uitspraken over homo’s gedaan. Michiel Mulder heeft naar aanleiding daarvan aangifte tegen hem gedaan op beschuldiging van discriminatie.
In het gewraakte artikel beweert Ratelband onder andere dat homo’s abnormaal zijn omdat ze niet integreren en niet in staat zijn voor nageslacht te zorgen. De in het tijdschrift opgetekende uitspraak dat homofilie volgens Ratelband een te genezen ziekte is, wordt achteraf door Ratelband in alle toonaarden ontkent.
Argumentatie
Bij Pauw en Witteman (in het filmpje in de bijlage te zien vanaf 1 minuut, 57 sec.) legt Ratelband parmantig uit dat de samenleving gebaseerd is op solidariteit en voortplanting. Het feit dat homo’s nooit via een natuurlijke weg kinderen zullen krijgen en dus geen bijdrage kunnen leveren aan bijvoorbeeld het voortbestaan van de AOW, is voor hem reden genoeg om ze als abnormaal te betitelen. De vraag hoe hij zijn bijzondere kijk op de homofiele medemens ziet in relatie tot het door hem zo geprezen solidariteitsprincipe blijft onbeantwoord.
Irritatie en hilariteit
Als ongewenst kinderloze vrouw vraag ik me onthutst af of Ratelband mij en mijn echtgenoot ook abnormaal zal vinden. Ik word gered uit mijn zinloze overpeinzing doordat een scherpe vraag van Paul Witteman Ratelband verleidt tot het uiteenrafelen van zijn boute bewering. Het is volgens hem heel simpel. De Nederlandse samenleving bestaat nu eenmaal uit meer hetero’s dan homo’s. En zolang de hetero’s de overhand hebben, zijn homo’s abnormaal. Op het moment dat – ‘god behoedde ons’ zie ik hem denken – er in Nederland meer homo’s zijn dan hetero’s, is heterofilie abnormaal. De, in diezelfde lijn opgebouwde, conclusie van Witteman dat kleurlingen volgens Ratelband dan ook abnormaal zouden moeten zijn, wordt met een minzaam lachje door hem van de hand gedaan.
Mijn irritatie slaat om in een soort meligheid. Dit kan Ratelband toch niet serieus menen? De ijver waarmee hij in het vervolg van de discussie met Michel Mulder zijn gelijk probeert te halen doet mij echter vermoeden dat het hem ernst is. Hoewel ik meer hou van een discussie met diepgang, kan ik nu niet anders dan meegaan in ‘de-grote-stappen-snel-thuis-redenatie’ van Ratelband zelf.
Morgen, 27-10-09, een 'Open Brief aan meneer Ratelband'.
